Phegea
36 (2008) online!
De
afzonderlijke artikels van jaargang 36 (2008) van Phegea
zijn vanaf nu online te raadplegen. Zie Phegea
36.
Maanstanden
Wie soms met een of andere lichtbron in de natuur op zoek
gaat naar allerlei insectenleven, heeft al ondervonden dat
het niet zo'n goed idee is om bij volle maan te gaan ronddolen.
De nachten met nieuwe maan zijn de donkerste en dus de beste
voor het plaatsen van een lamp. Voor het bepalen van die
nachten is de website van Paul
Carlisle een uitstekend hulpmiddel.
7de
bladmijnenwandeling:
Op 04 oktober 2009 wandelden we in de Westhoek door het
Calmijnbos en langs het Oostergrenspad (prov. West-Vlaanderen)
op zoek naar bladmijnen (en andere interessante zaken).
De resultaten
...
Fylogeografisch
genetisch onderzoek op Vliegend hert (Lucanus cervus)
Wij zijn op zoek naar genetische stalen van het Vliegend
hert (Lucanus cervus) uit alle delen van zijn verspreidingsgebied.
Als jullie tijdens een entomologische excursie in het buitenland
dergelijke stalen zouden kunnen meebrengen, gelieve dit
dan te doen en aan ons te bezorgen.
Een fylogeografisch onderzoek vergelijkt genetische stalen
van verschillende regio’s en beschrijft de genetische
variatie. Het doel hiervan is de lokale variatie, het bestaan
van ondersoorten en de kolonisatieroutes sinds de laatste
ijstijd vast te leggen. Dergelijke studie zijn bv. reeds
uitgevoerd bij verschillende boomsoorten. Met deze studie
willen we nagaan of de kolonisatie van deze aan dood hout
gebonden soort vergelijkbaar is met die van de boomsoorten
in Europa. We zullen ook de verschillende ondersoorten van
het Vliegend hert (o.a. akbesianus, turcicus)
proberen meenemen in dit onderzoek om hun bestaan genetisch
aan te tonen of te weerleggen.
Om een representatieve staalname te hebben, zouden we in
totaal minstens van 40 locaties (ideaal ongeveer 100) stalen
moeten hebben gelijkwaardig verspreid over het gehele verspreidingsgebied.
Vertaald komt dit neer op 1 tot 2 locaties in kleine landen
als Nederland, Oostenrijk of Griekenland en 4 tot 6 stalen
uit de grotere landen als Spanje, Frankrijk en Polen. Het
zal wellicht moeilijk zijn om van alle plaatsen voldoende
stalen te krijgen (bv. Rusland, Turkije of Syrië).
Elk staal is dan ook van belang, zeker van verafgelegen
gebieden.
Van elke regio zouden we in het ideaal geval 5 tot 10 specimens
moeten hebben. Ook hier zullen we niet uit elke regio voldoende
materiaal kunnen verzamelen en is dus elk staal van belang.
Voor genetische analyses kunnen we volgende stalen gebruiken:
–
Vers gevonden dode kevers zoals verkeersslachtoffers en
prooiresten.
– Een poot die je verwijdert van een levende kever.
Dit beperkt de levensduur van de kever niet zoals aangetoond
door Gaublome et al. (2002) voor Carabus
soorten.
– Ingezamelde kevers. In vele landen is Vliegend hert
beschermd en is er meestal een vergunning nodig om deze
kever te mogen vangen en/of uitvoeren. Het INBO heeft enkel
een vergunning om de stalen in België te bewaren.
Bewaar elke kever apart in ethanol. Voor genetische analyses
bestaat er speciale ethanol zonder ether maar deze is duur
en moeilijk te verkrijgen. Gewone ethanol (ontsmettingsalcohol)
is normaal geen probleem en zelfs stalen die al enige tijd
op ethanol bewaard worden, zouden nog bruikbaar moeten zijn.
Bezorg ons indien mogelijk de volledige kever zodat we ook
morfologische eigenschappen (sex, aantal antennelobben,
kleur, …) kunnen opnemen in het onderzoek. Bezorg
ons bovendien minstens de datum van verzamelen, land en
(dichtstbijzijnde) gemeente of de coördinaten van de
vindplaats en uiteraard ook uw naam en contactgegevens.
Wij zullen u zeer dankbaar zijn als u ons stalen kan bezorgen.
Speciale aandacht zou moeten uitgaan naar stalen van afgelegen
gebieden en ondersoorten.
Voor meer informatie: Arno
Thomaes.
Stalen kunnen bezorgd worden aan:
Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek
Arno Thomaes
Gaverstraat 4
B-9500 Geraardsbergen